Toelichting Protestantse gemeente

Past kunst en cultuurtoeristisch bezoek eigenlijk wel op een begraafplaats?

Uit: ’t Klaverbledsje, dorpskrant van Langezwaag; rubriek Kerknieuw, januari 2018

 

Het komende jaar zullen de kerkelijke activiteiten voor een belangrijk deel óók in het teken staan van Leeuwarden-Fryslân als culturele hoofdstad van Europa (LF2018). In het bijzonder natuurlijk bij het project ‘Haren in de Wind’ dat vanuit Langezwaag wordt vormgegeven. Voor alle duidelijkheid: dat is geen kerkelijk project maar de kerk speelt er wel een rol in. Alleen al omdat het project plaatsvindt op het nog ongebruikte deel van de begraafplaats.

De reden dat de kerk meedoet aan ‘Haren in de Wind’ is niet dat wij zo nodig een bijdrage moeten leveren aan kunst. Kunst is ten slotte geen doel van de kerk. Kunst kan wel een middel zijn voor de kerk. Dat geldt hier ook. Wij doen graag en overtuigd mee omdat we ‘Haren in de Wind’ als een grote kans zien voor het dorp om te experimenteren met andere vormen van samenwerking. We hopen dat daar blijvende contacten uit voort zullen komen die ook na 2018 helpen om de leefbaarheid in Langezwaag in stand te houden. En de kerk heeft daar simpelweg baat bij. De kerk kan niet vitaal zijn wanneer niet ook het dorp vitaal is. En daaraan willen we dus graag ons steentje bijdragen.

We gaan dus niet zomaar een feestje bouwen. Op de begraafplaats nog wel. We merken dat sommigen zich daarover zorgen maken. Of het wel past? Of het wel respectvol is?

 

Of het past?

Weten we niet. Deelname aan ‘Haren in de Wind’ past in ieder geval wel in onze pogingen om de kerkelijke gemeenschap in Langezwaag, Luxwoude en Jonkerslân overeind te houden. We kunnen niet achterover leunen en op de oude voet doorgaan. We zullen steeds nieuwe activiteiten moeten zoeken om een passende rol in het dorp te kunnen blijven spelen. Wij denken dat dit er één van is. En of die geslaagd is? Dat kunnen we alleen achteraf beoordelen. Als dat oordeel negatief uitvalt, dan zullen we concluderen dat dit dus niet de manier is en dat we verder moeten zoeken naar beter passende activiteiten.

 

Of het respectvol is?

‘Haren in de Wind’ vindt plaats op een deel van de begraafplaats dat niet als zodanig in gebruik is. Het is bovendien enigszins afgeschermd van het deel dat wel als begraafplaats in gebruik is. De aanwezigheid van kunst op zichzelf lijkt ons eerder meer dan minder respectvol dan de aanwezigheid van de afvalcontainer en het snoeiafval zoals dat tot nu toe steeds het geval was.

Het zal (hopelijk) wel veel drukker worden. En niet alleen op de plek waar de installatie van ‘Haren in de Wind’ komt te staan maar ook op de begraafplaats zelf. Gewoon omdat mensen er overheen moeten lopen om bij ‘Haren in de Wind’ te komen. En daarvandaan naar de kerk, het dorpshuis of een andere plek in het dorp. Van hen wordt verwacht dat zij bezoekers van graven niet onnodig zullen storen. Maar omgekeerd mag van bezoekers van graven ook worden verwacht dat zij geen aanstoot nemen aan de aanwezigheid van andere mensen. De begraafplaats bestaat omdat er een kerk is, en de kerk kan alleen blijven voortbestaan wanneer zij de mogelijkheid krijgt om deel uit te maken van het dorp met alle facetten die daar bij horen.

We zullen de bezoekers van ‘Haren in de Wind’ erop wijzen dat zij (deels) aanwezig zijn op een begraafplaats en hen vragen daarmee rekening te houden. Veruit de meeste bezoekers zullen dit respect uit zichzelf opbrengen. Ongetwijfeld zal het ook wel eens ‘mis’ gaan maar vermoedelijk vooral uit onnadenkendheid. Het past dan in onze gastvrijheid om dat ruimhartig te accepteren. En ja, aan echt onfatsoen valt helaas weinig te doen. Mocht dat te vaak voorkomen dan rest ons niets anders dat een soortgelijk evenement niet vaker te laten plaatsvinden. Maar dat is dan een oordeel achteraf.

Beste mensen, ik hoop dat we komend jaar heel veel bezoekers in Langezwaag mogen verwelkomen. Ook op de begraafplaats. Ik hoop dat we vele nieuwe ideeën van hen mogen opdoen en misschien ook wel dat de locatie van ‘Haren in de Wind’ ertoe zal bijdragen dat we onze gestorvenen weer een meer centraal plekje zullen gaan geven.

En als er toch klachten zijn, meldt ze dan graag rechtstreeks bij mij of bij iemand anders van de kerkenraad. Alleen dan kunnen we er iets mee.

 

Protestantse gemeente van Langezwaag, Luxwoude en Jonkerslân

Peter de Vries